‘Vrijstelling erfbelasting bij onderneming is geen discriminatie’: een samenvatting

RechterIn dit artikel geef ik een samenvatting van de ophef over een uitspraak van de Rechtbank Breda uit 2012 die oordeelde dat een vrijstelling erfbelasting discriminerend zou zijn. Daarop volgden diverse bezwaarprocedures bij de Belastingdienst.

De Hoge Raad heeft inmiddels uitspraak gedaan dat er geen sprake is van discriminatie en op de bezwaarschriften heeft de Belastingdienst inmiddels ook collectief uitspraak gedaan.

‘Onderscheid behandeling vermogen voor erfbelasting niet discriminerend’

Het onderscheid in de Successiewet tussen de belasting van particulier vermogen en ondernemingsvermogen is niet in strijd met het internationaal verankerde gelijkheidsbeginsel. Dat oordeelde de Hoge Raad op 22 november 2013 in vijf uitspraken.

In de huidige wet is een (extra) vrijstelling opgenomen van 100 procent van de waarde van verkregen ondernemingsvermogen tot aan 1.028.132 euro en 83 procent van de waarde die boven dat bedrag uitkomt. Alleen degenen die ondernemingsvermogen erven of geschonken krijgen, hebben recht op die vrijstelling. De vrijstelling is de afgelopen jaren voortdurend uitgebreid: in 2002 van 25 procent naar 30 procent, in 2005 naar 60 procent, naar 75 procent in 2006 en tot aan de nu geldende percentages per 1 januari 2010.

Rechtbank: discriminatie

Op 13 juli 2012 deed de rechtbank in Breda uitspraak in een procedure die een erfgenaam had aangespannen. De rechtbank oordeelde dat de Successiewet een onaanvaardbaar groot onderscheid in fiscale behandeling maakt tussen privévermogen en ondernemingsvermogen. Het Hof Den Bosch heeft de uitspraak van de Rechtbank Breda over de discriminerende werking van de Successiewet in april van dit jaar vernietigd. Volgens het hof mag er een andere fiscale regeling gelden voor de verkrijging van privévermogen dan voor de verkrijging van ondernemingsvermogen.

Advies

De advocaat-generaal adviseerde de Hoge Raad onlangs verkrijgers van particulier vermogen rechtsherstel te verlenen door vanaf het jaar 2010 eveneens een vrijstelling toe te kennen naar de mate waarin de bedrijfsopvolgingsfaciliteit voorziet in een hogere wettelijke vrijstelling dan 75 procent. Dat advies week af van de uitspraak van de rechtbank Breda. Die besliste dat verkrijgers van particulier vermogen recht hebben op de volledige vrijstelling van de bedrijfsopvolgingsfaciliteit.

Hoge Raad

De Hoge Raad heeft op 22 november 2013 geoordeeld dat de bedrijfsopvolgingsfaciliteit in 2009, 2011 en ook in andere jaren berust op een keuze van de fiscale wetgever waarvan niet kan worden gezegd dat zij evident van redelijke grond is ontbloot. De wetgever heeft daarom met de faciliteit de grenzen van de hem toekomende ruime beoordelingsvrijheid niet overschreden. Daarom is geen sprake van een bevoordeling van de verkrijging van ondernemingsvermogen boven de verkrijging van overige vermogensbestanddelen die leidt tot discriminatie.

Staatssecretaris van Financiën Frans Weekers

Staatssecretaris van Financiën Frans Weekers

Weekers tevreden

Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft in een nieuwsbericht laten weten tevreden te zijn met de uitspraak. “Dit is goed nieuws voor de continuïteit van ondernemingen. Door de snelheid waarmee rechtbanken en Hoge Raad deze procedures hebben behandeld, heeft een grote groep belastingplichtigen eerder duidelijkheid”, aldus Weekers.

Collectieve uitspraak op bezwaar aanslagen erf- en schenkbelasting

Het ministerie van Financiën heeft collectief afwijzend uitspraak op bezwaar gedaan op aanslagen erfbelasting en schenkbelasting. De bezwaarschriften zijn afgewezen en de opgelegde aanslagen worden gehandhaafd. Dit naar aanleiding van het oordeel van de Hoge Raad van 22 november dat het onderscheid in de Successiewet tussen de belasting van particulier vermogen en ondernemingsvermogen niet in strijd is met het internationaal verankerde gelijkheidsbeginsel.

Ministerie van FinanciënIn zijn besluit van 23 oktober 2012 heeft de staatssecretaris van Financiën besloten om de bezwaarschriften tegen aanslagen erf- en schenkbelasting waarbij voor niet-ondernemingsvermogen geen bedrijfsopvolgingsfaciliteit wordt verleend aan te wijzen als massaal bezwaar. Dit besluit was een reactie op de uitspraak van Rechtbank Breda van 13 juli 2012. Daarin oordeelde de rechtbank dat de Successiewet onaanvaardbaar discriminerend is.

Afgewezen

Volgens de rechtbank moeten verkrijgers van niet-ondernemingsvermogen dezelfde gunstige fiscale behandeling krijgen als verkrijgers van ondernemingsvermogen. Gelet op het andersluidende oordeel van de Hoge Raad is nu voor alle als massaal bezwaar aangewezen bezwaarschriften collectief uitspraak op bezwaar gedaan. De bezwaarschriften zijn afgewezen en de opgelegde aanslagen worden gehandhaafd.

Bron: KNB

HW

Ik ben kandidaat-notaris. Daarnaast ben ik actief op het gebied van de sport tennis en kook ik graag. Vastgoed en familierecht zijn mijn specialismen binnen het notariaat. Bij al deze zaken probeer ik Social Media in te zetten.

2 reacties

  1. Rob schreef:

    Hallo H-W, SMCO adverteert en ronselt mensen die een erfenis hebben ontvangen vanaf 2005. tegen betaling van tenminste € 495 gaan ze een procedure starten bij het EHRM. Hebben de mensen die niet eerder een bezwaar hebben ingediend over 2005 wel een kans van slagen? Het ambtshalve besluit van december 2010 staat een teruggaaf over tijdvakken ouder dan 5 jaar niet toe als die tijdvakken al definitief zijn.

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: